donderdag 21 september 2017

De tuin is te klein

We hebben maar een klein tuintje achter ons huis. Tuin is ook al een te groot woord voor het plaatsje achter ons huis, met daarin een paar plantenbakken. Onze jongste twee kinderen willen er dus ook nooit lang spelen. Dan lopen ze naar het hek en proberen dat open te prutsen. Onderhand kunnen ze dat ook, dus we moeten het hek op slot doen. Anders lopen ze zo naar buiten en daar is het gevaar. Daar zijn de auto’s en andere risico's voor peuters die niet verder dan een meter voor zich uitkijken. Met een glijbaantje en een zandbak proberen we het plaatsje zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Maar dat werkt maar een poosje. Daarna lonkt het hek, en daarachter de wereld met alle gevaren. Ze kunnen beter binnen blijven.

Het zijn net mensen, die kinderen van ons. Mensen kunnen ook beter blijven binnen het hekwerk dat God om zijn goede wereld zet. Het hekwerk bestaat uit aanwijzingen hoe je het beste je leven kan vormgeven. De tips en tricks van de Schepper. Maar dat is voor ons mensen niet genoeg. We willen naar buiten, het zelf uitzoeken. En we kunnen het hek open maken. Dan staan we zo in onze eigen wereld, waar het gevaarlijk is. 

donderdag 14 september 2017

Twee en nee

Onze jongste zoon wordt bijna twee en hij zegt voortdurend…nee! Bij alles wat je wilt gaan doen met hem is de mogelijkheid aanwezig dat hij dat op dat moment niet wil. Want hij ontdekt dat hij zelf iemand is. Daarom gilt hij vaak nee. Ook als het eigenlijk iets heel leuks is. Wil je uit bed? Nee! Wil je naar buiten? Nee. Soms lukt het om er rustig onder te blijven en heel hard tegen jezelf te zeggen dat het een fase is die vanzelf over gaat. Maar andere momenten is dat minder makkelijk en word ik boos op hem. Niet dat het iets helpt. Hij gilt gewoon nog harder nee. Veel beter is het om met een grapje of een omweg je doel te bereiken. Dus vraag ik niet: wil je uit bed?, maar zeg ik: wil je in bed blijven? Dan zegt hij nee en kan ik hem eruit halen. Zo bereik ik soms via een andere route wat ik wil.

Volgens mij is dat precies wat God met deze wereld doet. Wij mensen zeggen snel en koppig nee tegen de liefde van God. Maar God wil wel zijn doel bereiken: dat God en mens in liefde en harmonie met elkaar samenleven. Jezus is Gods omweg om ons nee te omzeilen. Zo doet God wat hij uiteindelijk wil, want God is liefde.  

donderdag 7 september 2017

He, daarboven

De woonkamer van ons huis ligt op de eerste verdieping. Daarom is mijn conditie erg goed. Ik loop de hele dag de trap op en af. Zeker met kleinere kinderen verbrand je heel wat extra calorie├źn. Geregeld komen onze jongste twee thuis en horen ze dat hun oudere broers en zus boven zijn. Er moet natuurlijk direct contact gezocht worden, want ze willen weten wie er thuis is. Meestal roepen ze dan: ‘He, daarboven. Wie ben je? Wij zijn ook weer thuis.’ In de loop van de maanden is het standaardantwoord geworden: ‘He, daar beneden, ik ben … Fijn dat je er weer bent.’ Of natuurlijk een variant erop, maar altijd gaat het over daar boven en daar beneden. Vol vertrouwen roepen ze naar boven in de verwachting dat er een antwoord zal komen. En elke keer blijkt dat ze inderdaad een antwoord krijgen en dat iedereen het fijn vindt dat ze er weer zijn.

Veel mensen hopen dat er wel iets is na dit leven of dat er wel een God is tegen wie ze kunnen praten. Maar ze missen het vertrouwen dat daarboven echt antwoord zal geven. Het zou mooi zijn om met net zoveel vertrouwen als mijn jongste jongens te roepen: ‘He, daarboven, ik ben er.’ Om dan daarna te ervaren dat boven antwoord: ‘He daar beneden, wat fijn dat je er bent.’

donderdag 31 augustus 2017

Die knopjes van de lift en kleine jongetjes...

Zodra onze jongste jongens weten dat we een lift in gaan, begint het geroep: Ik wil op de knopjes duwen. Eerst het knopje om de lift te laten komen, maar daarna natuurlijk ook de knopjes om de lift te bedienen. Meestal drukken ze nog wel een keertje op de knop om de deuren open te doen op het moment dat de deuren gaan sluiten. En vooral het alarmknopje is erg aantrekkelijk. Die is bijna altijd geel en zit op een erg aantrekkelijke hoogte voor peuterarmpjes. Gelukkig moet je hem vaak enige seconden ingedrukt houden voor je contact maakt met de alarmcentrale. Voor die tijd heb ik meestal wel ingegrepen. Een bijzondere fascinatie. Volgens mij een diep ingebakken neiging om de wereld te willen beheersen. Het zijn kleine directeurtjes die het liefst alles op hun manier geregeld willen hebben.

Het is moeilijk om niet telkens aan de knoppen van je leven te willen zitten. We kunnen heel wat bepalen in ons leven, maar de grote zaken van het leven krijg je. Daar heb je amper zelf iets in te zeggen. De bijbel vertelt dat we het leven gewoon maar moeten leven. Niet wanhopig telkens weer proberen om toch aan de knoppen te blijven zitten. Dat lukt toch niet. 

donderdag 6 juli 2017

Bijna vakantie

De laatste weken voor de vakantie vind ik lastig. Je hoofd en je lichaam denken voortdurend: het is tijd om niets te doen. Maar je moet toch nog van alles doen. Dus hoe verdeel je dan je tijd en aandacht? Het is mij geregeld gebeurd dat ik zo hard werkte voor de vakantie begon, dat ik  uitgeput aan de vakantie begon.
De laatste weken voor de vakantie zijn lekkere weken. Je bent al met je hoofd in de vakantie en denkt geregeld: ha, lekker, nog even en ik kan rustig aan doen. En dat geeft moed en energie om die laatste klusjes nog even te doen. Verlangend naar het moment dat het helemaal tijd wordt om te genieten en te vieren.
De laatste weken voor de vakantie bedenk ik telkens weer hoe waar de bijbel is. Er is geen enkel boek dat ons zo sterk laat zien dat we niet leven om te werken. Daarom de vele feestdagen in de bijbel en de geregelde gezamenlijke rustperiodes waarbij groepen mensen samen op weg gingen naar Jeruzalem. En wat te denken van die wekelijkse vrije dag om te voorkomen dat mensen slaaf worden van hun werk. Wat een wijs boek die bijbel om zo geregeld rust te gebieden.

De komende weken zijn er geen blogs. Het is vakantietijd.

donderdag 29 juni 2017

Jij hebt (g)een olifantenhuid

‘Zo, jij hebt ook een olifantenhuid! wordt soms gezegd.’ Dat is niet zo’n aardige uitdrukking, want er wordt mee bedoeld dat je ongevoelig bent. Wat er ook gebeurt of wat er ook gezegd wordt, het raakt je niet. Je hebt immers een olifantenhuid en die is dik.
Toen ik onlangs weer eens bij de olifanten stond in diergaarde Blijdorp stond daar een bordje bij deze dieren met slurf dat me mateloos intrigeerde. Daar stond namelijk dat olifanten erg veel last hebben van vliegjes en andere kleinere diertjes die in de plooien van hun huid gaan zitten. Ze doen er alles aan om verlost te worden van die diertjes. In de tekst stond ook dat de huid van olifanten nogal gevoelig is en dat ze daarom proberen van die beestjes af te komen. Dat doen ze meestal door in de modder te gaan liggen en als de modder opdroogt en eraf valt, dan gaan de beestjes ook weg.

Als je een olifantenhuid hebt, dan ben je gevoelig voor je omgeving. Je voelt juist heel goed wat er om je heen gebeurt. De bijbel probeert ons te leren om een olifantenhuid te hebben. Dat betekent dat we attent moeten zijn naar de mensen om ons heen. We moeten dezelfde huid als de slurvenbezitters krijgen. 

donderdag 22 juni 2017

Waren de mensen maar als de olifanten

Gisteren was ik in de diergaarde Blijdorp. Elke keer is er wel een dier dat je goed kan zien. Deze keer waren dat de olifanten. Ze stonden de hele tijd vlak bij ons en liepen heen en weer. In de kudde zitten ook wat kleintjes. Wat doen ze lief tegen die jonge kalfjes. Gewillig stapten de groten opzij, zodat de kleintjes er door konden. Wat doen ze voorzichtig. We hebben een uitdrukking in het Nederlands ‘als een olifant door de porseleinkast.’ Dat suggereert dat het lompe beesten zijn. Maar ik zou wel zo voorzichtig als een olifant willen zijn.
En in de vrije natuur vormen de oudere olifanten in het geval van gevaar een muur van lichamen, zodat de jonge beestjes veilig zijn. Wat een saamhorigheid om als kudde gezamenlijk het zwakke te beschermen. Iets daarvan zag ik ook in de dierentuin toen de grootste olifant haar slurf gebruikte om een grote tak weg te zwaaien, zodat het kleintje er weer door kon. En ondertussen hield de grote de kleine voortdurend in de gaten met die relatief kleine oogjes.

Die olifanten zijn een voorbeeld van hoe mensen volgens de bijbel samen moeten leven. De sterken moet opkomen voor de zwakken. Ze moeten hun kracht niet gebruiken om nog sterker te worden, maar om de zwakke te beschermen. Waren de mensen maar als de olifanten.